Artikel: Toptelling v/m: percentage vrouwen in de top stijgt tergend langzaam

Toptelling v/m: percentage vrouwen in de top stijgt tergend langzaam

Amstelveen, 28 september 2009 – Het percentage vrouwen in de hoogste lagen van het bedrijfsleven en de non-profit sector stijgt tergend langzaam. De ‘business case’ van m/v diversiteit is weliswaar duidelijker geworden en het onderwerp heeft meer aandacht gekregen, maar dat is in de cijfers nog niet terug te zien. Dat blijkt uit de Toptelling v/m, de tweejaarlijkse publicatie van Opportunity in Bedrijf en het Sociaal en Cultureel Planbureau.
Om daadwerkelijk ‘impact’ te hebben, is een aandeel van minimaal 20% vrouwen nodig, in de top van de 500 grootste ondernemingen bedraagt het echter nog geen 6%, slechts 1,3 procentpunt meer dan twee jaar daarvoor.  Mede naar aanleiding van deze cijfers bepleit Opportunity in Bedrijf daarom het  – tijdelijk – invoeren van stringente maatregelen om een versnelling te bewerkstelligen.   

In het tweejaarlijkse onderzoek is gekeken naar de vertegenwoordiging van vrouwen in de Raden van Bestuur/Directies en Raden van Commissarissen, alsmede in de hoogste drie managementlagen daaronder. Onderscheid is gemaakt tussen het particuliere bedrijfsleven, het openbaar bestuur en de Rijksoverheid en andere non-profitinstellingen (onderwijs, zorg), en grote maatschappelijke organisaties.

Bij de 500 grootste particuliere ondernemingen van Nederland is het percentage vrouwen in de Raden van Bestuur (RvB) en de Raden van Commissarissen (RvC) tussen 2003 en 2008 met anderhalf procentpunt gestegen van 4,1% naar 5,6%.

Maken we een splitsing naar soorten topfunctie, dan zien we dat in vier jaar wel sprake is van enige groei in de Raden van Commissarissen: van 5,2% naar 7,6%. In de uitvoerende top (de Raden van Bestuur) bedraagt de stijging slechts 0,4 procentpunt: van 3,0 naar 3,4%.
De groei in beide gremia is vooral te danken aan de sector ‘Zakelijke Dienstverlening’.

Niet alleen de trage groei in de top baart Opportunity in Bedrijf zorgen. Ook in de lagen onder de Raden van Bestuur is nauwelijks een toename van het aandeel vrouwen te zien.
In de grootste 250 bedrijven was dat aandeel in resp. 2004 en 2008:
- in het eerste echelon onder de RvB: 13,1% en 14,7%
- in het tweede echelon onder de RvB: 22,8% en 19,6%
- in het derde echelon onder de RvB: 22,2% en 19,5% (in 2006, cijfer over 2008 niet beschikbaar).
De ‘kweekvijver ‘ voor de top blijft dus voor het overgrote deel mannelijk. Terwijl de instroom van hoogopgeleide vrouwen in de meeste bedrijven ongeveer 50% is.

Non-profitsector scoort beter dan bedrijfsleven
In de non-profitsector en bij de Rijksoverheid is het aandeel vrouwen in de top aanzienlijk hoger dan in het bedrijfsleven, al moet geconstateerd worden dat er nu in de zorgsector sprake is van een stagnatie terwijl het daarvóór vrijwel voortdurend groeide.

In de magistratuur is intussen sprake van een fifty-fifty verdeling:vrouwen maken in 2008 resp. 49% en 51% uit van de zittende en staande magistratuur. Met 38% vrouwen in de Raden van Bestuur scoort ook de sector “Grootste Maatschappelijke Organisaties” goed.
Waar het gaat het om het aandeel vrouwen in het parlement en in de regering (beide rond 40%) is Nederland zelfs koploper en Europa. 

Daarentegen vormen we de achterhoede als we kijken naar het percentage vrouwelijke hoogleraren: met 11% in 2007 scoort Nederland internationaal bijzonder laag en liggen we ruim onder het Europese gemiddelde. 

Lichtpuntjes
Toch ziet Opportunity in Bedrijf ook enkele lichtpuntjes. Al gaat de groei bijzonder traag, over een langere periode bezien is sprake van een ruime verdrievoudiging van het aandeel vrouwen: maakten zij in 1992 nog 1,9% uit van de topfuncties in de 100 grootste bedrijven, in 2007 was dat 7,3%.
Ook is de aandacht voor diversiteit in het management toegenomen. Een groeiend aantal  -
met name grote, internationale – bedrijven erkent de business case, het bedrijfsbelang van een goed evenwicht van mannen en vrouwen in het management. Op basis daarvan hebben zij processen in gang gezet die zijn gericht op cultuurverandering en ‘inclusive leadership’: een cultuur en stijl van leidinggeven die zijn gericht op het erkennen, betrekken en benutten van een verscheidenheid aan kwaliteiten.
Opportunity ondersteunt bedrijven hierin door de uitwisseling van ‘good practices’ en  middels uiteenlopende tools en programma’s, waaronder het succesvolle Cross Mentoring Programma. CEO’s en senior managers ondersteunen in deze programma’s vrouwen uit andere organisaties in hun carrièreontwikkeling. 
 
Versnelling forceren
Was Opportunity in Bedrijf bij de verschijning van de vorige Toptelling nog gematigd optimistisch en pleitte de organisatie – naast bewustwording – nog voor het stellen van targets. Intussen pleit directeur Lizzy Venekamp voor – tijdelijke – stringentere maatregelen. “Ik wil niet meemaken dat het percentage vrouwen in de top over twee jaar nog steeds op hetzelfde droevige peil staat. Als er geen concrete quota komen blijft het traag gaan. Veel bedrijven hebben een ’lekkende pijplijn’: talentvolle vrouwen komen wel binnen, maar verlaten het bedrijf ook weer, of hun carrière stagneert. Het is dan ook tijd om uit een ander vaatje te gaan tappen. Er staat een nieuwe generatie jonge, ambitieuze en talentvolle vrouwelijke managers klaar. Laten we ervoor zorgen dat ze niet meer over het hoofd worden gezien.”

De Toptelling is een gezamenlijk initiatief van Opportunity in Bedrijf (OiB) en het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Berekening heeft plaatsgevonden op basis van bestaande gegevens over de top van het bedrijfsleven en een enquête onder zowel ondernemingen als non-profitorganisaties en maatschappelijke organisaties.
Naast cijfers bevat deze publicatie ook enkele praktijkvoorbeelden.

Klik hier voor het nieuwsoverzicht

Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,

Nieuwsbrief

Aanmelden:
Afmelden:

RSS LinkedIn Twitter